Architect bouwt cementfabriek om tot huis en atelier en het resultaat is fan-tas-tisch

Een bijzonder gebouw omtoveren tot woning of werkplek. Dat is toch wel een droom voor velen. Zo ook voor architect Ricardo Bofill, die in 1973 deze oude cementfabriek in Barcelona vond, en op slag verliefd werd op de architectuur en opbouw van het gebouw. Stukje bij beetje bouwde hij de fabriek om tot woning slash atelier.

De verbouwing van zo’n imposant gebouw heeft natuurlijk nogal wat haken en ogen. De fabriek is opgebouwd uit verschillende elementen: van het enorme landgoed met tuin, tot de werkplek én de originele silo’s.

Bofill pakte niet alleen de binnenkant, maar ook de buitenkant grondig aan. Op elk plat dak zijn veel planten, grasmatten en andere begroeiing te vinden. Dit ‘verwilderde’ groen staat in prachtig contrast met de strakke en industriële opbouw van de fabriek.

The Cement Factory will always be a work in progress

De fabriek is – na jaren van grootschalige renovatie – al een tijdje in gebruik als woning en atelier, maar volgens Bofill blijft het altijd een ‘on-af’ project.

Elke ruimte heeft een andere functie, van studio tot woonkamer en slaapkamer. En het meest bijzondere is: geen enkele ruimte is hetzelfde. Door werk en privé te combineren onder één (begroeid!) dak heeft Bofill hier alles wat hij nodig heeft. Het huis biedt hem de mogelijkheid om zich af te kunnen sluiten van de buitenwereld.

Het hele gebouw is natuurlijk prachtig en heel bijzonder, maar naar onze mening is het atelier de mooiste plek van het gebouw. Hier vind je namelijk de oude silo, die echt onderdeel is van het interieur. In de andere kamers is de industrial vibe heel goed te zien, door de hoge plafonds en het vele beton. Maar in het atelier speel de silo echt de hoofdrol en geeft de oorspronkelijke bedoeling van de ruimte heel goed weer: een ruimte waar hard gewerkt wordt.

Oké, dus de opzet van het gebouw en het interieur is dus prachtig, maar als architect behoor je qua meubels ook wat pareltjes in huis te hebben toch? Die zien we hier volop. Zo staat in de woonkamer de Eames Lounge Chair en vergadert Bofill met zijn collega’s op de Wishbone Chairs van Jorgen Wegner.

Maar de échte eye catchers van het interieur staan in de eetkamer. De Hill House Chairs van Charles Rennie Mackintosh zijn echte klassiekers en staan tegenwoordig als kunst geëxposeerd in musea. Het is dus super bijzonder dat deze stoelen hier in deze keuken te vinden zijn!

Benieuwd naar het verhaal achter deze Interior Icon?
>> The Hill House Chair door Charles Rennie Mackintosh

Benieuwd naar meer bijzondere transformatie?

www.ricardobofill.com